België - Economische update November

Volgens de voorlopige raming van het Instituut voor de Nationale Rekeningen steeg het Belgische reële bbp in het derde kwartaal met 0,4% tegenover het vorige kwartaal. Dit is iets meer dan verwacht en ook een lichte versnelling ten opzichte van de groei van 0,3% in het eerste en tweede kwartaal. De groei in het tweede kwartaal werd wel naar beneden bijgesteld van 0,4% in de vorige raming. De Belgische bbp-groei in het derde kwartaal verraste ook in vergelijking met die van de eurozone (0,2%). Het was de eerste maal sinds het tweede kwartaal van 2016 dat de Belgische groei die van de eurozone in belangrijke mate overtrof (zie figuur B1).

Figuur B1 – Belgische reële bbp-groei in Q3 boven die in de eurozone (wijziging kwartaal-op-kwartaal, in %)

Bron: KBC Economic Research gebaseerd op NBB.Stat

Hoewel de groei in het derde kwartaal enigszins positief verraste, bleef die wel eerder laag. Zelfs als de Belgische economie in het laatste kwartaal met 0,4% blijft groeien, zal de reële bbp-groei voor 2018 als geheel slechts 1,5% bedragen. Dit is een vertraging ten opzichte van de groei van 1,7% in 2017. In het KBC-scenario verwachten we dat de Belgische groei verder zal afzwakken tot 1,4% in 2019. Dit cijfer is iets lager dan de onlangs door de Europese Commissie gepubliceerde groeiverwachting van 1,5%. Het verwachte groeitempo in 2019 ligt nog altijd ongeveer in de lijn van de potentiële groei, die door de Europese Commissie wordt geschat op 1,4%.

Indicatoren geven verschillend beeld

Het vertrouwen van Belgische consumenten nam de laatste maanden weer toe, wat erop wijst dat de binnenlandse vraag de bbp-groei voorlopig op peil houdt. De conjunctuurindicator van de NBB viel daarentegen terug in oktober, waardoor de verbeteringen van de voorbije twee maanden terug teniet zijn gedaan. Ditmaal was de verslechtering uitsluitend te wijten aan een sterke terugval van de indicator in Wallonië, na een even sterke opleving in de vorige maand. Het Waalse cijfer daalde daarmee opnieuw onder het Vlaamse. De subindicator inzake de beoordeling van de exportorders in de verwerkende nijverheid verslechterde verder in oktober, in lijn met de sterke daling van de Duitse Ifo-indicator.

In de publicatie van vorige maand verwezen we naar de herziening door Eurostat van de geharmoniseerde (seizoengezuiverde) werkloosheid in België. In de herziene reeks steeg de werkloosheidsgraad van 6,1% bij het begin van het jaar tot 6,6% in juli. In augustus nam het cijfer af tot 6,5% en het laatste cijfer, dat voor september, daalde opnieuw tot 6,3%. De data illustreren dat de Belgische werkloosheidsgraad vrij volatiel is, zonder eenduidige verklaring. De laatste maanden nam op de arbeidsmarkt de dynamiek van de interimarbeid sterk af. Dit lijkt op het eerste gezicht zorgwekkend, aangezien interimarbeid traditioneel een nauwe relatie vertoont met de reële bbp-groei (zie figuur B2). De neerwaartse trend inzake interimarbeid kan evenwel ook aangeven dat meer werknemers een vast contract krijgen, daartoe gedwongen door de krapper wordende arbeidsmarkt.

Figuur B2 – Groei economische activiteit vs. interimarbeid (jaarwijziging, in %)

Bron: KBC Economic Research gebaseerd op NBB.Stat

Voorspellingen Belgische economie:

 

 

Meer over de Belgische economie