Asymmetrische schokken kunnen driedubbele dip in Europa veroorzaken

Economische Opinie

De Europese groei stelt momenteel teleur, terwijl de vooruitzichten voor de wereldeconomie verslechteren. Toch wordt een herstel van de Europese economie verwacht en dit ondanks een aantal risicofactoren met een hoge waarschijnlijkheid en grote impact, met name brexit en de handelsoorlog. Indien deze risico’s werkelijkheid worden, zullen ze een asymmetrische schok veroorzaken voor de EU-economieën, wat leidt tot een derde dip in een decennium tijd. Ondanks het ontwrichtend karakter van een asymmetrische schok, is het echter onwaarschijnlijk dat zo’n schok de Europese economie fundamenteel van haar langetermijn-groeipad doet afwijken.

Het economisch vertrouwen blijft zwak in de hele wereldeconomie, met recent een duidelijke verslechtering in de VS. Dit is het gevolg van de toenemende bezorgdheid over de escalatie van de handelsoorlog en de zwakkere werkgelegenheidscreatie. Ondertussen is het Europese bedrijfsvertrouwen, met name in de industriële sector, nog niet overtuigend aan het uitbodemen. We spreken daarom eerder van een stabilisatie, wat evenwel goed nieuws is gegeven de versombering van de economische vooruitzichten voor de Amerikaanse en Chinese economie. De internationale instellingen en economische voorspellers zijn het er steeds meer over eens dat de Europese economie zich geleidelijk zal herstellen na de huidige vertraging. De Europese conjunctuurcyclus is de afgelopen tien jaar immers niet zo indrukwekkend geweest. Met name in vergelijking met de Amerikaanse economie heeft de Europese economie in het decennium na de financiële crisis slechts een zeer beperkte groeivertraging doorgemaakt (zie figuur 1).  

Figuur 1 - Reële bbp-groei (index Q1 2008 = 100)

Bron: KBC Economics gebaseerd op Eurostat en OESO

Een van de redenen waarom de EU-economie in een internationale vergelijking achterblijft, is de ‘dubbel-dip crisis’ die de EU het afgelopen decennium heeft doorgemaakt. In de EU werd de wereldwijde financiële crisis immers gevolgd door een Europese schuldencrisis. Uiteraard werden niet alle EU-lidstaten getroffen en ook de mate waarin de lidstaten getroffen werden door de twee crisismomenten verschilt (zie eveneens figuur 1 voor Italië versus Duitsland). Het is echter duidelijk dat herstellen na twee crisissen op rij veel moeilijker is dan herstellen na slechts één crisis. Bovendien werd het economisch herstel in Europa op korte termijn belemmerd door de beperkte budgettaire stimulans, mede door een sterke focus op bezuinigingen. Hoewel dit laatste economisch gunstig kan zijn op langere termijn, heeft het ongetwijfeld de kansen op een snel herstel in Europa beperkt.

De huidige vertraging in de Europese economie is totaal anders dan tijdens de twee crisismomenten. De vertraging is het resultaat van bijzondere economische ontwikkelingen in sommige EU-landen, met name Duitsland en Italië. De Duitse groeivertraging was tot nu toe vooral te wijten aan binnenlandse industriële problemen, met name in de autosector en de chemische industrie, evenals aan een tragere consumptiegroei. De Italiaanse groeivertraging is veel structureler, omdat zij het gevolg is van een zwakker internationaal concurrentievermogen, een gebrek aan vertrouwen in de binnenlandse economie en van een inadequaat beleid als reactie op die evoluties.

De huidige vertraging een ‘driedubbele dip’ noemen is niet aan de orde, gegeven de omvang van de vertraging en het landspecifieke karakter ervan. De financiële crisis en de schuldencrisis troffen ook niet alle lidstaten van de EU, maar wel een behoorlijk aantal ervan. Om een ‘driedubbele dip’ crisis in de EU te hebben, hebben we een meer geografisch gespreide schok nodig, maar niet noodzakelijkerwijs een symmetrische schok die de hele EU-economie op dezelfde manier treft. Asymmetrische schokken hebben vaak een sterker verstorend effect op de EU, omdat we niet de nodige beleidsinstrumenten hebben om dergelijke schokken te compenseren. Asymmetrische schokken worden doorgaans zelfs versterkt door het onvoltooide Europese institutionele kader. Vooral binnen het eurogebied zijn asymmetrische schokken pijnlijk, omdat de eurolanden niet beschikken over het wisselkoersinstrument, of andere beleidsinstrumenten zoals internationale budgettaire solidariteit of mobiliteit van productiefactoren, om dergelijke schokken te compenseren.

Screenen we de wereld op mogelijke asymmetrische schokken die Europa in de nabije toekomst zouden kunnen raken, vallen twee voor de hand liggende kandidaten op: een no-deal, harde brexit en een directe handelsconfrontatie tussen de EU en de VS. Beide kandidaten staan al enige tijd prominent op de risicoagenda. De kans dat één of beide risicofactoren werkelijkheid worden, is aanzienlijk toegenomen. Bovendien nadert het uur van de waarheid, hoewel de exacte timing moeilijk te voorspellen is. De binnenlandse politieke context in het Verenigd Koninkrijk (VK) maakt een zachtere brexit moeilijker dan ooit en de standaardoptie is dat het VK de EU op 31 oktober verlaat. De timing van deze potentiële schok komt dus dicht in de buurt. Wat de handel betreft, heeft president Trump geregeld gedreigd om de tarieven op Europese producten te verhogen, van Duitse auto’s tot Franse wijn. Een besluit over de Amerikaanse importtarieven op Europese auto’s wordt in de komende maanden verwacht, aangezien de Amerikaanse president een gedetailleerd evaluatieverslag van het US Department of Commerce op zijn tafel heeft liggen. De informatie in dit verslag kan ongetwijfeld worden gebruikt om hogere Amerikaanse tarieven voor op Europese auto’s te rechtvaardigen, althans als er een politieke/presidentiële bereidheid is om dit te doen. Het is evenzeer zeker dat de EU in een dergelijk geval vergeldingsmaatregelen zal nemen met hogere tarieven op de invoer uit de VS, wat waarschijnlijk zal leiden tot een nieuwe ronde van handelsmaatregelen door de VS. Een snelle escalatie dus.

Zowel een harde brexit als een handelsoorlog tussen de VS en de EU zou een asymmetrische schok voor de EU-economie betekenen. Niet alle landen zullen op dezelfde manier en in dezelfde mate worden getroffen. Uit diverse analyses weten we dat kleine open economieën in Europa veel harder zullen worden getroffen door brexit dan grotere landen zoals Frankrijk, Italië of Spanje. Amerikaanse tarieven op Europese auto’s zullen vooral gevolgen hebben voor de belangrijkste autoproducerende economieën in Europa, terwijl een verdere escalatie van de handelsoorlog tussen de VS en de EU in vele richtingen kan gaan. Daarom is het risico groot dat we op een aanzienlijke en asymmetrische schok voor de EU-economie afstevenen. Als dat gebeurt, zal het een ernstige en onmiddellijke klap veroorzaken voor de Europese economie, een driedubbele dip crisis.

Een driedubbele dip zou echter niet het einde van de huidige Europese conjunctuurcyclus betekenen. De Europese economie bevindt zich nog steeds in een fase van langetermijn-herstel zonder dat de volledige capaciteitsbezetting is bereikt. Daarom zal een nieuwe sterke daling van de economische activiteit allicht snel worden gevolgd door een nieuw herstel, vergelijkbaar met wat we na de vorige twee dalingen hebben waargenomen. De bedrijfsinvesteringen blijven immers groeien en de groei van de consumptie biedt een duurzame ondersteuning van de economische groei. Beide zullen ongetwijfeld negatief worden beïnvloed door de schok, maar zullen zich waarschijnlijk ook herstellen, aangezien de belangrijkste risicofactoren, die de Europese economie momenteel gegijzeld houden, verdwenen zullen zijn.

De risico’s voor de Europese economie zijn op dit moment zeer groot. We leven eigenlijk in een binaire wereld: ofwel zal de Europese economie zwaar getroffen worden, ofwel zal de Europese economie floreren nadat Brexit door een overeenkomst tussen het VK en de EU op een ordelijke manier is afgehandeld, en doordat een bilaterale handelsovereenkomst tussen de VS en de EU de trans-Atlantische handel stimuleert. Laten we hopen op het laatste, maar rekening houden met het eerste.
 

Disclaimer:

Alle meningen in deze publicatie vertegenwoordigen de persoonlijke mening van de auteur(s) op de daarin vermelde datum en zijn onderhevig aan wijziging zonder voorafgaande kennisgeving.KBC Groep NV geeft geen garanties voor de mate waarin de voorgestelde scenario’s, risico’s en prognoses de marktverwachtingen weerspiegelen, noch voor de mate waarin zij zich ook effectief zullen realiseren. Alle prognoses zijn indicatief.
De gegevens in deze publicatie zijn algemeen en louter informatief . De informatie kan niet beschouwd worden als een aanbod tot verkoop of aankoop van financiële instrumenten. Ze kan evenmin beschouwd worden als beleggingsadvies, beleggingsaanbeveling of “onderzoek op beleggingsgebied “ in de zin van de wet - en regelgeving over de markten voor financiële instrumenten.
Behoudens de uitdrukkelijke voorafgaande en schriftelijke toestemming van KBC Groep NV is elke overdracht, verkoop, verspreiding of reproductie van de informatie, publicatie en gegevens verboden en dit ongeacht de vorm of de middelen.
KBC Groep NV kan niet aansprakelijk worden gesteld voor de juistheid of volleadigheid van de informatie of voor de directe of indirecte schade die zou voortvloeien uit het gebruik van dit document.

Gerelateerde publicaties

Eviva España... maar groeitopper niet immuun voor Italiaans scenario

EO20180604 Eviva España... maar groeitopper niet immuun voor Italiaans scenario

EU-fondsen voor Centraal- en Oost-Europese regio’s blijven noodzakelijk

EO20180427 EU-fondsen voor Centraal- en Oost-Europese regio’s blijven noodzakelijk

Crisissen terug van weggeweest

EO20180525 Crisissen terug van weggeweest

Niet handelsoorlog, maar autosector is verantwoordelijk voor sputterende Duitse groeimotor

EO20181126 Niet handelsoorlog, maar autosector is verantwoordelijk voor sputterende Duitse groeimotor
KBC gebruikt cookies om je surfervaring aangenamer te maken. Zo kan KBC ook beter inspelen op je behoeften en voorkeuren. Door verder te surfen ga je akkoord met het gebruik van deze cookies. Meer info? Of wil je geen cookies?Klik hier.